|
|
Nootdorp - Pijnacker - Leidschendam - Wilsveen Stompwijk - Gelderswoude Contactpersoon: Martin van de Reep 06-55781030 E-mail: Martin van de Reep |
|
NIEUWSBRIEF 2005
Nog weer beterKon ik u vorig jaar meedelen dat het eerste doel bereikt was; nu kan ik meedelen dat dit hoogtepunt een zeer positief vervolg heeft gekregen. Vlak voor de start van het broedseizoen bereikte mij een melding dat er, in een steenuilkast waar al 5 jaar lang een spreeuw heeft gebroed, een paartje steenuilen haar intrek heeft genomen. Bij de eerste controle eind mei bleek dat er één jong was grootgebracht. Ook een paartje dat vorig jaar niet meer aanwezig was bleek weer in de kast te broeden en had 5 jongen grootgebracht. In totaal zijn er nu dus 5 broedparen die samen hebben gezorgd voor tenminste 18 jongen, waarvan er 17 zijn uitgevlogen. Ook dit is dus, tegen de landelijke resultaten in, een enorm fraai record. |
ActiviteitenOok dit jaar zijn er in het gebied weer rondes gemaakt met de geluidscassette waar de baltsroep van de steenuilman op staat. Veelal word ik tijdens deze rondes aangesproken door omwonenden wat ik zoal aan het doen ben. Mijn verhaal dat ik op deze manier probeer om nieuwe locaties van de steenuil te ontdekken wordt dan voor kennisgeving aangenomen. Ook dit jaar heeft de methode om vooral nieuwe solo-steenuilen te traceren niets opgeleverd. Als u echter steenuiltjes signaleert of van kennissen verneemt dat er ergens uilen worden gehoord, dan hoor ik dat graag van u. |
GevarenZoals afgelopen jaar al jammerlijk genoeg is aangetoond blijkt verdrinking in een waterbak met steile wanden een van de veel voorkomende doodsoorzaken te zijn. Vanaf medio april tot begin mei zijn daarom rond op alle bekende plaatsen waar steenuiltjes zitten de drinkbakken voorzien van een drijver bestaande uit twee hardhouten plankjes met daartussen een kunststof laag om het drijfvermogen te vergroten. Doel van deze plankjes is om de uiltjes een mogelijkheid te geven om er op te klimmen als ze in het water belanden en op deze manier na droging van de veren de drinkbak weer veilig te kunnen verlaten. Indien het voor de dieren die gebruik maken van de drinkbakken mogelijk is, kan een strook gaas ook dienst doen als redmiddel voor de steenuiltjes om uit de drinkbak te klauteren. |
|
Populatie overzicht
In bovenstaande grafiek is duidelijk het positieve effect van de afgelopen jaren te zien. Het aantal broedparen is tot vijf paar opgelopen. Helaas heeft de waarneming van een solo uil niet geleid tot een nieuw bezette locatie. Op dit moment is er dus mogelijk een solitaire uil in het gebied aanwezig, de locatie is echter niet exact bekend. Hopelijk doorstaan enkele jongen de wintermaanden en kan ik volgend jaar melden dat er meer solo-uilen in ons gebied zijn aangetroffen. |
|
In de grafiek hierboven is het aantal geplaatste nestkasten per jaar in beeld gebracht. Het totaal aantal nestkasten is op dit moment 41 stuks. Het aantal broedparen van de kauw blijft gelukkig laag, het ene paartje dat de kauwensluis heeft weten te omzeilen gebruikt geen takken maar schapenwol om een nest te bouwen. Het komend jaar zal blijken of de aanpassing van de invliegopening tot de gewenste oplossing heeft geleid. Het aantal broedparen van de koolmees is met 1 toegenomen tot vijf paar terwijl het aantal broedparen van de spreeuw is gestegen tot 14, maar als een steenuil de nestkast in het oog krijgt als woonplaats is dat snel afgelopen. |
|
Nieuw geplaatste kasten In het voorjaar is er één (139) en in de zomer zijn er weer twee nieuwe kasten, op nieuwe locaties geplaatst, te weten kast 140 en 141. Ook in het najaar zijn nog eens twee kasten (144 en 145) geplaatst op nieuwe locaties. Op twee broedlocaties (107 en 111) is er een extra kast geplaatst om de jonge steenuilen tot augustus een goed onderkomen te bieden.
|
Meer slaapplaatsenSteenuilen hebben meerdere slaapplaatsen nodig, omdat ze het grootste deel van het jaar apart slapen en ook de uitvliegende jongen enkele maanden over een dagroestplaats moeten kunnen beschikken. Het uitbreiden van het aantal slaapplaatsen in een steenuilbiotoop blijft dus de aandacht vragen als er een eerste broedpaartje is neergestreken.
|
Zelf steenuilen bekijkenWilt u zelf wat meer zicht op de steenuilen hebben dan is dat goed mogelijk. Zeker vanuit een beschutte plek (woning, voertuig e.d.) is de steenuil goed te observeren. Met name in de winter genieten de uilen op heldere dagen graag van de (morgen-) zon, mits ze natuurlijk op een windvrije plaats kunnen zitten. Het liefst doen ze dat op een rustige plek of nabij een plek die gelegenheid bied om snel weg te duiken als er gevaar dreigt (zoals een overvliegende Buizerd of andere roofvogel). Noteer uw waarnemingen het is leuk voor uzelf en voor mij.
|
Jongen beschermingDit jaar is op haast alle broedlocaties, door de mensen waar een broedpaartje aanwezig is, een voorziening getroffen in de vorm van enkele pallets met wat zware rommel erop, zodat de jongen die de eerste weken toch nog geregeld op de grond belanden daar tijdelijk veilig onder kunnen wegkruipen. Een samenstel van een stuk betonnen rioolbuis, een takkenbos of een Pvc-buis met een doorsnede van 125 mm kan deze functie ook vervullen. Ook zijn bij de broedlocaties vlak voor het uitvliegen van de jongen uitloopstokken geplaatst die het mogelijk moeten maken dat de terugkeer van de jongen naar het nest makkelijker verloopt, met name als het een dag minder mooi of koud weer is. Deze inloopstokken zijn weer verwijderd zodra de jongen zelfstandig de kast in en uit kunnen vliegen.Tijdens de nestkastcontroles is gebleken dat er zich veel jongen, nadat ze waren uitgevlogen, in de nestboom ophielden.
|
Nationale steenuildagOp 5 november 2005 is in Meppel de jaarlijkse steenuildag gehouden. Op deze dag werden interessante lezingen gehouden over alle in Nederland voorkomende uilen en was er weer veel gelegenheid om als beschermers onder elkaar te praten over nieuwe inzichten en ervaringen om zo het optimale te kunnen doen voor de in aantal teruglopende populatie van steenuiltjes.
|
Wat kunt u zelf doen om een steenuilbiotoop te creëren-Als er bij u op het terrein een plekje is waar dat mogelijk is, is het zeer interessant om een klein hoekje wat rommelig te laten. Bijvoorbeeld een strook gras niet maaien, als kort daarnaast enkele uitkijkposten in de vorm van paaltjes zijn geplaatst kunt u het uiltje hier in de avonduren vaak aantreffen in de jacht op insecten die zich in de overgang tussen ruigten en kort gras ophouden. De steenuiltjes bejagen hun prooi namelijk vanaf deze uitkijkposten. Ook met een stapel houtblokken of een kleine “ muizenhaard” is dit effect te bereiken. -Het in stand houden van knotwilgen opstanden die om en om worden geknot is een uitstekende manier om broedgelegenheid te creëren. -Heel vaak zijn het de oude schuurtjes die op een rustige plaats staan die een grote aantrekkingskracht hebben op de uiltjes als het enigszins mogelijk is om deze in stand te houden door herstelwerkzaamheden uit te voeren heeft dat de voorkeur en worden de belangen van de steenuil daar optimaal mee gediend. Ik wil u graag van advies dienen. Dit zijn ook de ideale plaatsen waar de steenuiltjes in de winter als het sneeuwt aan voedsel kunnen komen. -Schapen, paarden of vee in de nabijheid is ook een van de voorwaarden, de uiltjes eten namelijk bij gebrek aan muizen veel prooien zoals regenwormen, slakken en insecten die heel makkelijk te vangen zijn als er kort gras is. -Als u in de omgeving van de nestkast ook een “muizenhaard” wilt aanleggen kan dit door het aanbrengen van wat stro met daaroverheen snoeihout. Voor een snel resultaat is het aan te bevelen enkele handjes graan over de muizenhaard uit te strooien en dit zo af en toe te herhalen. Echte overlast door muizen zal er in de winter niet direct ontstaan, die worden wel door de uiltjes in toom gehouden. -Wil u de omgeving van uw woning wat uilvriendelijker maken door bijvoorbeeld het aanplanten van een haag of op een andere wijze dan kan ik contacten leggen met Landschapsbeheer Zuid-Holland om u eens te bezoeken en u over de mogelijkheden en onmogelijkheden te laten informeren.
|
ConclusieBlij verrast wordt geconstateerd dat het aantal jonge steenuilen weer is toegenomen van 9 naar 18. Dat er ondanks de landelijke achteruitgang van 1,5 % per jaar wederom een nieuw broedpaartje een plaatsje hebben gezocht in het poldergebied in onze omgeving. Dat het aanbrengen van schuilgelegenheid onder aan de nestboom gekoppeld aan het aanbrengen van een uitloopstok tijdens de uitvliegfase geleid heeft tot het vergroten van de overlevingskans van de jongen. Dat het plaatsen van drijvers in veedrinkbakken een noodzaak is om te zorgen dat steenuilen niet verdrinken. Dat de wens om op alle broedlocaties te minste twee nestkasten te plaatsen voor een groot deel is afgerond. Dat het vergroten van het aantal slaapplaatsen rond broedlocaties nog een actiepunt blijft evenals de verbetering van de biotoop, om uitbreiding van de populatie te kunnen verwezenlijken.
|
InventarisatieOm te bezien of en hoe de steenuiltjes zich in het gebied verplaatsen en of er mogelijk al jongen deelnemen aan het broedproces, zal er in 2007 tussen eind februari en begin maart een extra inspectieronde worden gehouden. Omdat de trefkans bij wat minder mooi weer groter is dan bij een mooie zonnige dag zal het weer dus bepalend worden voor de uiteindelijke keuze.
|
Tot slotIk wil nogmaals iedereen bedanken die heeft meegewerkt aan, en de gelegenheid heeft gegeven om iets te doen voor het instandhouden van de biotoop en het plaatsen van de nestkasten, om zo de kans te vergroten dat dit mooie uiltje voor onze gebieden behouden blijft. Hopende dat 2006 weer een goed jaar mag worden voor de steenuil in "ons" gebied! Martin van de Reep
|
| PS: Heeft u vragen
of opmerkingen gebruik dan zo mogelijk het e-mailadres
reepos@casema.nl
Steenuil-verslagen van vorige jaren vindt u via de volgende links: verslag 2004, verslag 2003 |